Voordracht van Leon Simons over klimaatverandering

Voordracht van Leon Simons over klimaatverandering

Leon ontwikkelt voor zichzelf een studie naar klimaatverandering. Daarvoor is hij voor onderzoek een groot deel van de wereld afgereisd en bezocht hij vele conferenties.
Leon legde uit dat naast broeikasgassen, waar iedereen over spreekt, ook de zogenaamde aerosolen van groot belang zijn. Aerosolen zijn hele kleine vaste deeltjes in de atmosfeer. Ze kunnen daar op natuurlijke wijze komen, door zandstormen, vulkaanuitbarstingen en dergelijke, maar ook op onnatuurlijke wijze zoals bijvoorbeeld als roet uit de industrie, van schepen, vliegtuigen, door het platbranden van landbouwgronden. Aerosolen zijn van groot belang. Watermoleculen kunnen zich namelijk aan aerosolen hechten. En als genoeg watermoleculen dat doen vormt er zich rond een aerosol een waterdruppel die zwaar genoeg is om als regen naar beneden te vallen. Nu er echter door de vervuiling zoveel meer aerosolen in de atmosfeer zitten, kunnen de watermoleculen zich aan veel meer aerosolen hechten. En daarmee wordt de kans dat een waterdruppel groot genoeg wordt om naar beneden te vallen verkleind. De aerosolen met de watermoleculen blijven in de atmosfeer hangen als grote witte wolken, zoals de smog boven grote steden als Mexicostad en Rio de Janeiro. Deze witte wolken hebben op zich een gunstig effect op de temperatuur: ze kaatsen zonlicht terug en houden de opwarming enigszins tegen. Maar deze wolken verdoezelen ook hoe erg het al gesteld is met de klimaatopwarming. Als om een of andere reden deze wolken toch regen gaan vormen en deze neerslaat, kan blijken dat de opwarming al op het cruciale punt van 2° C beland is of zelfs daarover heen. Tot 2° C kan de bufferfunctie van de aarde de opwarming nog opvangen. Maar bij een verdere verhoging van de temperatuur storten allerlei natuurlijke systemen in en worden grote delen van de wereld onleefbaar voor mens en dier. We hebben dus de witte wolken, de luchtvervuiling, heel hard nodig om opwarming tegen te houden. Sommige wetenschappers overwegen dan ook om expres meer aerosolen, meer vervuiling, in de atmosfeer te brengen. Aangetoond is dat door de vervuiling in Nederland mensen gemiddeld al 36 maanden korter leven.
Leon vindt het belangrijk om dit verhaal te vertellen. Volgens hem worden we voor de gek gehouden met schijnoplossingen als windmolenparken en minder autorijden. Wetenschappers weten allang dat de klimaatverandering al veel verder op drift is. Het is niet meer terug te draaien. De halve wereld gaat naar z’n kloten. Leon noemt zichzelf geen milieuactivist. Op het verwijt dat hij een doemscenario schetst, zegt hij: “Het is realistisch!”
Toch vinden anderen in de groep dat er nog heel veel gedaan kan worden. O.K., zeg dat de klimaatverandering niet tegen te houden is en dat een kwestie van overleven wordt. Hoe willen we dan overleven? Gaat het recht van de sterkste gelden?